Update: Isolatiematerialen en brandveiligheid

Naar aanleiding van de Grenfell brand in London (2017) laait de discussie op over de rol van isolatiematerialen bij brand. Een discussie die veelal niet gebaseerd is op feiten maar commercieel gestuurd wordt. Wij willen u graag de feiten geven. Vandaar dat wij u onderstaand een veelomvattend inzicht geven in de huidige wettelijke voorschriften, de testmethodes en de rol van isolatiematerialen bij brand.

Toedracht Grenfell-brand?

Grenfell was een tragisch incident. Het onderzoek over de oorzaken loopt nog, maar vast staat dat hier een complex van fouten en falen speelde. Zoals bij vele ernstige brandincidenten lijkt niet naleven van bestaande voorschriften een belangrijke, zo niet de belangrijkste oorzaak. Zo voldeed o.a. de gevelopbouw niet aan de regelgeving (niet getest), mede op basis van de toegepaste gevelbekleding. 


De Engelse overheid heeft realistisch uitgevoerde gevels door BRE Global laten testen naar de verloop van de Grenfell-brand. Hieruit komt naar voren dat het soort isolatiemateriaal niet bepalend is geweest voor het brandverloop. Deze conclusie is bevestigd door Efectis Frankrijk na separaat onafhankelijk uitgevoerde vergelijkbare testen.

Eén aspect staat voor 100% vast: Bij Grenfell is in de gevel geen EPS-isolatie gebruikt.  

Hoe luidt de huidige regelgeving in Nederland m.b.t. de brandveiligheid van gevels?

Bij de bepaling van de brandveiligheid van een constructie is wettelijk bepaald dat niet het gedrag van de afzonderlijke materialen maar die van de totale constructie bepalend is (End use). Of anders gezegd: Bij een constructie waar een niet onbrandbaar materiaal wordt beschermd door andere materialen (bijvoorbeeld gipsplaten of een stenen muur) kan de brandwerendheid net zo groot, en de brandreactieklasse net zo goed zijn als bij een constructie waarin vermeend onbrandbaar materiaal verwerkt is.

EPS wordt ook in de gevel nooit als kaal materiaal toegepast, maar altijd ingebouwd in een bepaalde constructie (binnenmuur, gevelbekleding).

In Nederland gelden de volgende eisen voor de gevel:

Lees ook de mening van Nico Scholten (expert bij Stichting Expertisecentrum Regelgeving Bouw (ERB)) over dit onderwerp. 

Onze producten worden  uitgebreid getest op brandveiligheid en hebben zichzelf in de praktijk bewezen. Bij een juiste toepassing en een vakkundige verwerking voldoen de producten van IsoBouw aan de wettelijke normen en richtlijnen. 

Hoe wordt het brandgedrag getest?

Met de SBI-test wordt de brandreactie getest van een totale constructie. Dit gebeurt in een hoekopstelling met behulp van een hoekbrander. Met de test wordt zowel de productie van warmte, rook en brandende vallende druppeltjes als ook de vlamuitbreiding bepaald. De test wordt uitgevoerd op een constructie waarbij de opbouw zoveel mogelijk representatief is voor de werkelijke toepassing inclusief aansluitnaden. Op basis van deze test kan een classificatie worden vastgesteld volgens NEN-EN 13501-1, die door het Bouwbesluit wordt vereist.

Is de SBI-test representatief voor gebruik bij hoge gevels?

SBI brandreactie-test

De SBI-test is een prima Europese test, die wordt vastgesteld door 'Fireregulators'. Dit zijn brandexperts die werken bij onafhankelijke geaccrediteerde brandlaboratoria op onafhankelijke en wetenschappelijke basis. De test is volledig in lijn met en geïntegreerd in het Bouwbesluit.

In de omliggende landen zijn grootschalige testen. Zou dit ook niet in Nederland moeten?

Nederland heeft het nu al beter geregeld dan ander landen. Als enige land in Europa heeft Nederland naast de SBI-test extra aanvullende eisen om branddoorslag en –overslag te voorkomen (Brandweerstand, WDBDO 30 of 60 minuten).

De EPS-branche heeft op zich geen bezwaar tegen grootschalige brandproeven. Ook hier scoort EPS goed. Echter: Grootschalig testen voegen weinig toe en zijn kostenverhogend. Een dwingend voorschrift van grootschalige testen werkt oneerlijke concurrentie in de hand (niet betaalbaar voor kleine partijen). Bovendien heeft het een remmende werking op innovatieve ontwikkelingen in de bouw.

Wat is de rol van isolatiemateriaal in een brand?

Bij een brand speelt isolatie een verwaarloosbare rol, ook al omdat isolatie ‘verpakt en afgeschermd‘ is in de gevel, vloer of dak. Bij een brand zal eerst de inventaris branden. Denk daarbij aan tapijt, meubels, gordijnen, apparatuur, hout, etc. Het interieur is daarom veelal bepalend voor de totale vuurbelasting van een gebouw. Dus de rol van isolatiemateriaal in een brand is ondergeschikt. Er worden doorgaans geen wettelijke eisen gesteld aan de inventaris ondanks het feit dat deze een zeer wezenlijke rol in de brandveiligheid speelt.

Voorbeeld vuurbelasting in MJ/m2 bij toepassing als plat dak isolatie (RD 3,5):

 

Zie ook het artikel "Rol van isolatiemateriaal bij brand verwaarloosbaar" uit het VB verzekeringsmagazine. 

Hoe staat het met de brandbaarheid van verschillende isolatiematerialen?

Geen enkel isolatiemateriaal is onbrandbaar!

Het is niet de vraag of iets brandt, maar bij welke temperatuur. Alles brandt namelijk, als de temperatuur maar hoog genoeg is. EPS-SE begint te verweken vanaf 90 ºC. Dus EPS-SE begint pas te smelten als de overlevingskansen voor mensen nihil zijn. Bij ca. 450 ºC wordt de ontbrandingstemperatuur van EPS-SE bereikt. Een brand heeft bij deze temperatuur reeds zijn volle omvang bereikt. Andere materialen, zoals hout branden in deze fase al lang (vanaf 340 ºC) of zijn reeds opgebrand. EPS speelt daarom slechts een geringe rol bij een brand en doet geen afbreuk aan de veiligheid van een gebouw.

Minerale wol heeft een hogere ontbrandingstemperatuur dan EPS of PIR, maar ook glaswol ontbrandt rond de 700 °C, en steenwol bij 1100 °C. 

Is een bepaald isolatiemateriaal brandveiliger dan een ander?

Alle in Nederland gebruikte isolatiematerialen, zoals toegepast in constructies, zijn aantoonbaar brandveilig indien deze voldoen aan de strenge wettelijke normen. Constructies worden inclusief het isolatiemateriaal getest door onafhankelijke geaccrediteerde instituten.  Isolatie met een lagere brandprestatie kunnen in een constructie gelijkwaardig of zelfs beter geclassificeerd worden (Eurobrandklasse End Use) dan isolatie met een hogere brandprestatie. 

"Onbrandbaar" staat niet gelijk aan "brandveilig". De mate van "onbrandbaarheid" van een materiaal is slechts één aspect van een brandveilige constructie. Veel bepalender is hoe de verschillende materialen in een samenstelling ten opzichte van elkaar geordend zijn en hoe dit zich gedraagt bij hoog oplopende temperaturen. Bij de veiligheid van een gebouw spelen naast de toegepaste materialen ook ander aspecten een rol, zoals o.a. de aanwezigheid van sprinklers, vluchtwegen, de inventaris en de aanwezigheid van voorzieningen tegen brandoverslag.  

Stybenex heeft TNO en BDA gevraagd meer dan 50 grote branden te analyseren. De factsheet  over de casuïstiek van grote branden toont aan dat het marktaandeel van de bouwmaterialen overeenkomt met het aantal branden in panden met dat isolatiemateriaal. Het onderzoek onderbouwt de mening van IsoBouw dat de toepassing van zogenaamd "onbrandbaar" isolatiemateriaal een brand niet voorkomt en ook de gevolgschade achteraf niet beperkt.

relatie tussen isolatiematerialen en brand

Zijn branden zoals bij Grenfell ook mogelijk met zogenaamde onbrandbare isolatiematerialen?

Isolatiematerialen spelen een ondergeschikte rol in de ontwikkeling van een brand.

Een brand zoals bij Grenfell kan ook bij toepassing van zogenaamde onbrandbare isolatiematerialen voorkomen, zoals blijkt uit soortgelijke branden waarbij minerale wol werd toegepast.

 

Polat brand Instanbul met brandende, naar beneden vallende minerale wol isolatie: https://youtu.be/C94rpQ6tngs

 

 

Flatbrand in Roubaix met minerale wol gevelisolatie. https://youtu.be/KHZfLDxYBuU

Is de grondstof van EPS afkomstig van aardolie?

De meest prominente grondstof van EPS is lucht, namelijk 98%. De overige 2% bestaat uit styreen dat wordt gewonnen uit aardolie. In EPS, dat wordt ingezet in de bouw, worden brandvertragers toegepast. Deze EPS is brandvertragend gemodificeerd. Dit onderscheidt bouw-EPS van EPS dat wordt gebruikt voor verpakkingen, dat niet brandvertragend hoeft te zijn. Soms worden “brandtesten” gedaan waarbij bewust verpakkings-EPS wordt gebruikt. Dat is dus een oneerlijke en oneigenlijke test!

Zitten er in andere isolatiematerialen aardolieproducten?

Aardolieproducten zijn onmisbaar voor de fabricage van ieder veel toegepast isolatiemateriaal. Bij EPS wordt gebruik gemaakt van styreen en bij PUR/PIR van isocyanaat en polyol. De bindmiddelen die gebruikt worden bij steenwol en glaswol bestaan uit fenol en isocyanaat.

Is er een verband tussen het gebruik van soorten isolatiematerialen en het aantal brandslachtoffers?

Officiële brandstatistieken laten zien dat Nederland gemeten naar incidenten en slachtoffers, één van de meest brandveilige landen van Europa is. Ter vergelijking: in Denemarken, waar alleen maar minerale wol wordt toegepast, zijn er 3,5 maal meer branden dan in Nederland. Ook dit geeft aan dat isolatiemateriaal een andere rol speelt dan sommige producenten propageren.

Is er een verband tussen het gebruik van soorten isolatiematerialen en de hoogte van de brandschade?

Net zoals bij de vorige vraag is er ook hier geen aantoonbaar verband. Isolatiemateriaal speelt een verwaarloosbare rol bij brand. In Nederland neemt de brandschade in woningen af en de brandschade in bedrijven wordt in toenemende mate bepaald door een klein aantal extreem kostbare branden: 0,7 % van de branden veroorzaakt 60% van de schade.

De schade als gevolg van branden in Nederland is lager dan in een land zoals Denemarken, waar alleen met steenwol wordt geïsoleerd. Andere factoren zijn bepalend.

Zie ook de statistieken bij de vraag "Is een bepaald isolatiemateriaal brandveiliger dan een ander?"

Leidt toepassing van isolatiemateriaal tot rookgasexplosies?

Stybenex werkt nauw samen met de brandweer in het programma  “Leren van Praktijkbranden”. Er is  een regelmatige uitwisseling van kennis, bijvoorbeeld via brandweerkennisdagen en deelname aan het lectoraat brandveiligheid aan de TU Eindhoven ,waaraan ook de brandweer deelneemt.

Ook een aspect zoals rookgasexplosie is onderdeel van deze kennisuitwisseling. Dit fenomeen wordt inmiddels zo’n 10 jaar onderzocht en wij weten dat er een complex van factoren een rol spelen bij rookgasexplosies, zoals de inhoud van het gebouw, de luchtdichtheid en een gebrekkige compartimentering. Om een rookgasexplosie plaats te laten vinden zijn zeer specifieke omstandigheden noodzakelijk die in de praktijk niet vaak voor komen.

Om het inzicht in rookgasexplosies te vergroten werkt de EPS-branche organisatie, Stybenex, projectmatig samen met wetenschappers en de brandweer.

Komt er bij isolatiematerialen giftige rook vrij bij brand?

Bij de verbranding van EPS komen GEEN schadelijke emissies vrij. Minerale wol (glas- en steenwol) en PUR/PIR hebben, in tegenstelling tot EPS, een zeer grote emissie van zeer giftige isocyanaten. Dit maakt de rook bij brand extra problematisch.

 

Bron:: Swedish national testing and research institute report 2003-05

Indien er sprake is van schade aan de constructie of slordige toepassing, is een constructie met EPS dan kwetsbaarder m.b.t. de brandveiligheid?  

Allereerst geldt dat schade of een slordige toepassing moet worden voorkomen. Alle bouwmaterialen moeten op de juiste wijze worden toegepast, ook isolatie. Alle producenten van isolatiemateriaal hebben hiervoor hun eigen verwerkingsvoorschriften. Naleving van deze voorschriften en een vakkundige verwerking is heel belangrijk.

Voor schades geldt dat een huiseigenaar een zorgplicht heeft om deze te repareren. Defecte bouwdelen moeten hersteld worden. Niet alleen om reden van brandveiligheid, maar ook om aan alle essentiële bouwkundige vereisten te blijven voldoen. Omdat EPS een harde isolatie is, dat gemakkelijk verwerkbaar is, zullen beschadigde constructies met EPS ook relatief gemakkelijk te herstellen zijn.

Er zijn geen branden bekend waarbij het bestaan van beschadiging de oorzaak was van een brandincident.

Wat doet de EPS branche om de brandveiligheid te bevorderen?

IsoBouw en haar brancheorganisatie Stybenex nemen brandveiligheid zeer serieus.

  • De sector zet zich in om samen te werken met lokale autoriteiten en brandveiligheidsprofessionals, om “best practices” op het gebied van duurzaamheid te delen en de brandveiligheid van gebouwen te verbeteren.
  • Wij nemen als “stakeholder” deel aan overlegplatformen: NVTB, JTC/OPB/VSCC/ FIEP (afstemming bouwsector met ministerie in relatie tot NL- en EU-regels) , NEN/CEN brandveilige gevels (Standaardisatie).
  • Stybenex werkt sinds decennia samen met experts om te leren van brandincidenten en kennis en ervaring op dit gebied uit te wisselen.
  • Stybenex roept de Nederlandse overheid op te zorgen voor de strikte handhaving van bestaande voorschriften en normen (marketsurveillance).
  • Stybenex zet zich in voor een aanzienlijke verbetering en implementatie van de brandpreventiemethoden.

Deze pagina bevat links naar betrouwbaar geachte informatiebronnen en websites die o.a. door universiteiten, overheidsinstanties en gerenommeerde organisaties worden aangeboden. Deze links zijn uitsluitend ter informatie. IsoBouw heeft geen zeggenschap over deze bronnen en is niet verantwoordelijk of aansprakelijk voor de daarop aangeboden informatie.

Uw internetbrowser is verouderd.

Voor een goede weergave is een recente versie van uw browser vereist.

Deze webpagina is niet geschikt voor mobiele devices

U kunt deze pagina openen via uw desktop.